Moet dat nou, zo’n stempel?

Met een verhoogde hartslag en een vaag knagend schuldgevoel in je buik zit je daar, aan de andere kant van een grijs bureau vol agenda’s, notitieblokken met aantekeningen, pennen, een computer, en die niet te negeren dikke, paarsblauwe DSM, die als een zwaard van Damocles de inhoud van het te vallen vonnis geheim houdt tussen zijn stevige omslag.

Je frummelt wat aan je tas en vraagt je af of je je jas ergens kwijt kan; in het benauwde kantoortje hangt de typische geur van printers en warm tapijt.
“Fijn dat jullie samen gekomen zijn! We zullen vandaag de uitslag van de onderzoeken bespreken en een plan voorstellen voor de te volgen behandeling.”

Je denkt dat ze alles weten. Daar, aan de andere kant van het bureau, zit je reddende engel met alle kennis die er te krijgen is, de dokter die alles van jouw kind weet en begrijpt. Je verwacht een intelligente, professionele oplossing voor de problemen rond je kind, dat niet binnen de lijntjes kleurt en zich maar niet tussen de strepen van de curve wil ontwikkelen. Je klampt je vast aan het oordeel van de deskundige, want wat moet je anders? Kom maar op met die diagnose!

De hele wereld heeft er een mening over. Wie verdwaald wil raken moet vooral eens over het internet gaan reizen met een aantal zoektermen die je willekeurig kunt prikken uit de onderzoeksverslagen van het GGZ.
Alsof je het allemaal maar verzonnen hebt, dat vreemde gedrag, die typische patroontjes, die rode cijfers, dat gebrek aan contact of die ontoombare energie. Alsof je zelf zo graag die wanhoop wilde voelen en die onmacht; alsof je het je ideaal was om je kind ooit aan te melden voor psychologische onderzoeken toen hij zo perfect en schattig verscheen op zijn geboortedag.

“Ze plakken overal een stickertje op tegenwoordig.”
“Moet dat nou, zo’n stempeltje?” of nog erger, en vooral pijnlijker: “Hij mag toch gewoon wezen wie die is?”
Als ik in gedachten terugga naar de periodes waarin onze kinderen hun diagnoses kregen, voel ik weer het verdriet, de angst, de afwijzing en de veroordeling.

Hij mág wezen wie hij is! Hij is door God gewild, geliefd. Een unieke creatie, met een masterplan voor zijn leven. Maar we zijn nog niet in de hemel, we leven in een land waarin je pas zorg, onderwijs en hulp op maat krijgt als er een officieel erkend labeltje aan je gehangen is.

Ik heb het schuldgevoel de deur uit gedaan. Als je kind extra vitamines nodig heeft, geef je die hem. Moeten er nieuwe kleren komen, dan zorg je daarvoor. Is zijn been gebroken? Dan komen er gips en krukken. Daar zal niemand je op aankijken.
Heeft hij extra hulp, zorg, aandacht, tijd, structuur of misschien zelf een pilletje nodig om een beetje beter mee te komen in onze maatschappij (en in je gezin!)? Dan stroop je je mouwen op, laat het publiek lekker boe-roepen en ga je ervoor. Met knikkende knieën en oogkleppen op, maar verzekerd van de liefde en genade van de Schepper van dat kind, Die Hem zelf tot in de kleinste details zo ontworpen heeft en Die in jou als moeder de mogelijkheden gelegd heeft om de beste expert te worden die er voor dat kind maar zijn kan.
Schud het oordeel van je schouders en ga ervoor. Want jíj en ik, wíj zijn ervoor aangenomen!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s